Project beschrijving

Datum: 07-05-2017

Een aantal weken, verhalen (en dus herinneringen) later is het weer tijd voor het schrijven van een nieuwe blog. Deze keer ga ik jullie meenemen op ons avontuur vol toeristische en culturele bezoekjes in het noorden van Bali. We vertrokken maandag 3 april en kwamen woensdag 5 april terug met mooie verhalen; verdwaald, gevist met locals, dolfijnen gespot, cultuur gesnoven en nog veel meer!

Op de dag van vertrek liep onze wekker om 8 uur af; tijd om onze spullen bij elkaar te rapen en te beginnen aan onze tocht naar het noorden. Onze bestemming was Lovina, een stad die naamsbekendheid heeft gekregen doordat men hier wilde dolfijnen kan spotten op zee. Als wij er rechtstreeks naartoe waren gereden dan had de rit 3 uur geduurd. Echter hadden wij nog 2 watervallen op het programma staan waardoor de totale rit 4 ½ uur in beslag zou nemen.

Wij startten onze scooters en vertrokken richting het noorden. Nadat we onderweg nog een stop hadden gemaakt bij een supermarkt om even een ontbijtje te scoren vervolgden wij onze weg naar de eerste waterval op het programma, de ‘Banyumala Twin Waterfalls’. Onderweg kwamen we langs allerlei mooie plekken waar we zo nu en dan even stopten om een foto te maken. We kwamen hier en daar ook wilde apen tegen. Even mee op de foto en weer door! Mark reed voorop met navigatie. Nog 10 minuten te gaan…. Neem over 100 meter de rechter afslag… We reden een straat in en hadden een prachtig uitzicht op de uitgestrekte natuur, we konden kilometers ver kijken!! De weg liep iets of wat naar beneden, zo had je goed zicht op de mooie natuur van dit gebied! Na enkele minuten hield het asfalt op en werd het een zandpad met allemaal stenen, gaten en heuvels. Mark controleerde nog even of we wel ECHT goed reden, dit bleek zo te zijn. Je kon maar stapvoets rijden en hierdoor leek er geen einde aan de weg te komen.

Kees met aap 2Mark met aap
Kees met meerMark en Kees uitzicht over Lovina

Na zo’n 10 minuten (het leken wel uren) kwamen we terecht bij een T-splitsing, we sloegen linksaf, nog verder de jungle in. De paden werden steeds smaller en smaller totdat we echt door de bushbush aan het rijden waren, verder en verder van de bewoonde wereld af. We reden op een zandpad waar we maar net met onze scooters op konden rijden. Hier en daar moesten we bukken voor een loshangende tak of liepen we krassen op onze benen op door uitstekende bossen. We reden op de rand van een berg, als de scooter weg zou glijden door de modder zouden we van de klif naar beneden vallen. Ik vond het top! Wat een avontuur! Uiteindelijk liep het pad dood en aan het eind stond een huis. Ik vroeg mezelf meteen af wie hier in godsnaam zou willen wonen? Als je een feestje hebt gehad in de stad weet je toch nooit meer de weg terug naar huis te vinden? En als je die al weet te vinden, hoe kom je dan ooit heelhuids aan?

Weg kwijt

Waren we nu verdwaald of was de waterval verdampt? We konden in ieder geval geen kant uit en we draaiden onze scooters op de ‘oprit’ van het huisje. Hierna zagen we pas hoe groot ons probleem werkelijk was. We reden even ervoor nog langzaam maar zeker bergafwaarts, nu moesten we door de modder bergopwaarts. Het leek ons voor onze eigen veiligheid beter om te gaan lopen. Mark liep met zijn scooter aan de hand voorop maar na enkele meters zat Mark zijn achterwiel al vast in een kuiltje. Hij gaf extra veel gas maar dit hielp niet echt. Na nog enkele pogingen kwam de rook van zijn banden af. Doordat het achterwiel bleef ronddraaien en ik (zoals zo vaak) de pechvogel was die achter hem liep, zat mijn gezicht helemaal onder de modder. Nog bedankt hé Mark!

Ik kon Mark niet helpen met zijn scooter want zodra ik mijn scooter los zou laten zou deze van de berg afglijden. Na een paar minuten zat er nog steeds geen beweging in. Oh shit, wat nu? Mark was niet te genieten. Logisch, die big smile van mij werkte ook niet echt mee aan zijn humeur. Ik genoot met volle teugen van het avontuur! Na een aantal vervloekingen van Mark kwam ineens de scooter in beweging. Top! Onderweg naar boven gleden hier en daar onze achterwielen nog weg maar voor de rest verliep de terugweg voorspoedig! Eenmaal weer in de bewoonde wereld aangekomen besloten we het gevaar niet verder op te zoeken en de watervallen voor die dag maar te schrappen. We zijn daarom maar direct naar ons verblijf in Lovina gereden.

Daar waren we dan eindelijk, Lovina! We hadden 2 kamers geboekt bij een bungalow resort aan de zee. Tijdens het inchecken hebben we meteen 2 tripjes geboekt; het vissen met locals en dolfijnen spotten! Het vissen met 2 bewoners van Lovina stond dezelfde avond nog op het programma.

Daar gingen we dan. We stapten de boot in, nou ja ik weet niet eens of je het een boot kan noemen. Het vaartuig was ongeveer een halve meter breed en je kon net 2 voeten naast elkaar zetten. Even later voer de boot weg en wij vroegen onszelf direct af waar de vishengels waren. Op dat antwoord hoefden we niet lang te wachten. We kregen een ‘molen’ van hout, ja echt en daar moesten we het mee doen. En nee, niet een molen die je kan opdraaien, je moest gewoon met de hand het draad eraf laten glijden of oprollen. Mark ving deze avond 2 vissen en ik heb 2 uur voor Jan met de korte achternaam gevist. We waren weer een ervaring rijker! Ik vond het top!

Beenruimte bootMark met vis

Nadat we weer terug aan land waren en Mark zijn eigen gevangen vissen had opgegeten (de vissen werden bereid door de kok) en ik mijn avondmaal had besteld van het menu (de vissen vond ik er niet smakelijk uitzien) was het tijd om naar bed te gaan.

Gebakken vissen

De dag erna stond de wekker op 5.30 uur. Vandaag gingen we op zoek naar dolfijnen. Gapend stapten we om 6.00 uur de boot in. Terwijl de boot van de kust wegvoer zagen we een fantastische zonsopkomst. De zon weerkaatste op het water, het leek net of de zee ‘licht’ gaf. Hoe gaaf was dat! In het water dreven ongeveer 50 boten op zoek naar dolfijnen. Na een aantal minuten lieten de eerste dolfijnen zich zien. Zodra één kapitein een dolfijn zag springen en er (op hoge snelheid) op afvoer kwam niet veel later de hele ‘kudde’ boten hem achterna. De dolfijnen sprongen overal, het leek net een film. Nadat we een aantal mooie foto’s hadden geschoten van de dolfijnen was het tijd om terug te varen richting de kust om daar te gaan snorkelen. We gooiden eerst eten in het water om de vissen te lokken, vervolgens sprongen wij zelf in het water om een kijkje te nemen in de onderwaterwereld van Lovina. Daar zwommen ze dan in het kraakheldere blauwe water, een ‘zwerm’ met de prachtigste vissen.

Zonsopkomst op zeeDolfijnen gespot
Groep bootjes

 

Eenmaal terug aan land was het tijd voor een snel ontbijt om daarna onze weg te vervolgen naar de eerste tempel van deze dag, de Pura Meduwe Karang. De hele dag stond in het teken van het geloof, we zouden 4 tempels en een hot spring gaan bezoeken. Voor iedereen die het leuk vindt om te lezen zal ik ook wat algemene weetjes over de bezochte tempels beschrijven.

Na aankomst bij de Pura Meduwe Karang tempel werden wij bij de ingang voorzien van een sarong (net zoals bij alle andere tempels die wij deze dag bezochten). Een sarong is een wikkelrok, deze stond ons zeer charmant! Wij als toeristen dragen een sarong als teken van respect voor de cultuur.

We kregen een korte rondleiding van een lokale bewoner. De Pura Meduwe Karang is een eerbetoon aan de god van de oogst van de zogenaamde droge landbouw. Zo zorgt deze tempel voor de zegening van gewassen op niet-geïrrigeerd land, zoals fruit, kokosnoten en koffie. De tempel zorgt voor goddelijke bescherming van gewassen en vruchtbare grond. De tempel is ommuurd en versierd met zuilen. Er zijn twee gespleten poorten en enkele paviljoenen. Op het bovenste gedeelte bevindt zich het hoofdaltaar. Op de muur van de belangrijkste schrijn, aan de kant van de oceaan, staat een reliëf waarop de Nederlandse kunstenaar W.O.J. Nieuwenkamp (1874-1950) op een fiets met gebloemde wielen is afgebeeld: begin 20e eeuw doorkruiste Nieuwenkamp Bali op zijn fiets en maakte schetsen van wat hij zag.

Tempel 1Tempel 1, fietser

De 2e tempel die we bezochten staat in de plaats Jagaraga. Op deze locatie vond in 1849 een bloedige slag tussen Balinezen en Nederlanders plaats, waarbij de meeste dorpsbewoners omkwamen. Hiermee kwam een eind aan de jarenlange strijd tussen beide partijen. Tegenwoordig staat Jagaraga in de eerste plaats bekend om de interessante Pura Dalem (‘Tempel van de Dood’), die gewijd is aan Siwa (Shiva), de hindoegod van de vernietiging. Grappige bas-reliëfs (halfverheven kunstwerken die meestal platter zijn dan in werkelijkheid) brengen het leven voor en na de komst van de Nederlanders in beeld, zoals gewapende bandieten die twee zelfvoldane Nederlanders in een oud fort beroven en een Nederlands stoomschip dat een SOS-signaal van rook uitzendt terwijl de boot wordt aangevallen door een zeemonster.

Tempel 2

We werden bij de 2e tempel verwelkomd door een oude hindoeïstische man die ons een rondleiding gaf door deze fascinerende tempel. Hij had erg veel te vertellen en probeerde op een zo leuk mogelijke manier de geschiedenis over te brengen. Hij liet ons onder andere zien hoe hij een aantal keer per dag mediteert om zijn chakra’s te openen. Het geloof zegt dat als het lukt om je 7 chakra’s te openen, je dan als ‘iets goeds’ terugkomt in het volgende leven.

MediterenKees op de foto met gids tempel

Ennnn dooooooor!! De 3e tempel was de Pura Beji. Deze tempel is in de 15e eeuw van zandsteen gebouwd. In deze aan Dewi Sri gewijde subak-tempel (irrigatietempel) zijn de balustrades versierd met bewerkelijke sculpturen van naga (slangen) en symbolen van water en vruchtbaarheid. Boven de terrassen rijzen rijen slanke torentjes op die een waar labyrint van steen vormen. Als tegenwicht voor de overweldigende motieven is de binnenplaats ongewoon ruim en beplant met frangipani (bloemen).

Tempel 3Tempel 3.3

De 4e en laatste tempel die op het programma stond was de Chinese boeddhistische tempel Ling Gwan Kiong (1873). Dit is de enige tempel die we deze dag bezocht hebben waarbij we geen sarong hoefden te dragen. De tempel is verfraaid met muurschilderingen van goden en mythologische figuren. Niet ver van deze tempel bevindt zich het Onafhankelijkheidsmonument Yudha Mandala Tama. Dit monument staat voor de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië tussen 1945 en 1949.

Tempel 4Tempel 4.1Vrijheidsmonument

Om deze culturele dag compleet te maken wilden we ook nog naar het museum wat in het teken staat van de VOC. Helaas was deze niet open op het moment dat wij langskwamen. Wij reden vermoeid terug naar ons verblijf om even een verfrissende duik te nemen in het zwembad, relaxed!

Na een uurtje pauze sprongen wij weer op onze scooters en reden wij naar de Air Panas Banjar (hot spring). De natuurlijke zwavelbron wordt door middel van de bekken van gebeeldhouwde slangen ‘gevuld’ met warm water. Er zijn hele rijen van deze waterspuwers aanwezig. Het lijkt eigenlijk net op een normaal zwembad; kinderen die rondrennen en bommetjes maken, ouders die aan de zijkant staan te kijken of niemand verdrinkt en ga zo maar door. Even een fotootje van de waterspuwers gemaakt en toen snel door naar het strand om van de zonsondergang te genieten met een hapje en een drankje! Wat is ons leven toch mooi!

Hotsprings waterspuwersHotspringsMark bier Lovina

Pas nadat de zon volledig achter de horizon was verdwenen zijn we weer naar ons verblijf gereden. We waren uitgeput, wat een dag! Tijd voor een goede nachtrust want de dag erop hadden we weer een vol schema!

Kees uitizcht zee Lovina

De andere ochtend was het rond 9.00 uur tijd om uit te checken en op weg te gaan naar een aantal watervallen. Als je je afvraagt of dit de watervallen zijn die op het programma stonden op de eerste dag van deze trip is het antwoord: JA! We hebben alleen de waterval waar we de eerste dag op kwijt zijn gereden gelaten voor wat het was. Mark had geen zin om nogmaals fout te rijden. We waren benieuwd of we de andere watervallen wel zonder problemen konden vinden.

Vol vertrouwen in Mark zijn navigatie startten we onze scooters en vertrokken we richting de eerste waterval van de dag, de Sekumpul waterval. Er moest eerst nog getankt worden en naast het tankstation zat toevallig een supermarkt. Kwam dat even mooi uit want het was tijd voor een ontbijtje! Eenmaal weer buiten aangekomen regende het. We pakten onze regenponcho’s uit onze buddy’s (opbergruimte onder zitting van een scooter) en trokken deze aan. Ik had van alles in mijn handen; mijn telefoon, mijn portemonnee en de scootersleutel. Deze legde ik even in mijn buddy zodat ik mijn poncho kon aantrekken. Wat zagen wij er toch goed uit met die poncho’s aan… Ik gooide mijn buddy dicht en wilde wegrijden… Oooooo shittt!!! Hoe dom kan ik zijn. Ik had de sleutel in mijn buddy laten liggen en deze had ik weer op slot laten vallen. Waarom overkomt mij dit altijd? Ik liep terug de winkel binnen en vroeg aan een medewerker of hij toevallig wist hoe ik mijn buddy zonder sleutel open kon krijgen. Hij gaf aan dat scooterwinkels dit klusje zo hebben geklaard! Er zat er zelfs een in dezelfde straat! Maar hij maakte mij blij met een dode mus want die dag waren bijna alle winkels dicht i.v.m. een Balinese feestdag…. Zo ook de scooterwinkel…. Fijn…..!

Nu had ik Ketut (manager van ons verblijf in Kuta) weleens horen vertellen dat locals goed zijn in het ‘inbreken’ van buddy’s. Dus vroeg ik aan de medewerker van de supermarkt of hij handige handjes had. Hij liep mee en probeerde een aantal ‘truckjes’ maar dit mocht helaas niet baten. Even later kwam er een 2e persoon bijstaan. Ze begonnen met z’n tweeën aan mijn buddy te trekken zodat één van hen met zijn hand langs de zijkant naar binnen kon. Er lag zoveel rotzooi in mijn buddy….. Dit ging nooit goedkomen..… Terwijl zij bezig waren zat ik te denken aan andere oplossingen maar ik kon er eigenlijk niet opkomen…. Dan maar hopen dat dit goed zou komen. Na een aantal minuten had de beste man mijn sleutel te pakken! YES! Wat een held! Ik was meteen helemaal klaar met die stomme poncho en propte hem snel in mijn buddy. Ondertussen had de regen plaats gemaakt voor de zon en konden we eindelijk onze weg vervolgen….. Let’s go!

Na een klein uurtje kwamen we eindelijk aan bij de Sekumpul parkeerplaats. Wij parkeerden onze scooters en na 10 minuten lopen waren we bij de Sekumpul. We hadden een perfect uitzicht vanaf het hoge punt waar wij ons bevonden en ik heb nog nooit zulke mooie watervallen gezien…..! Sekumpul bestaat uit meerdere watervallen in een prachtig open natuurgebied. We keken naar beneden en zagen dat we een heel eind moesten lopen om bij de watervallen te komen. Mark besloot om boven op mij te wachten dus ging ik in mijn eentje verder op avontuur. Wat zou daar beneden allemaal te zien zijn? Zou het de moeite waard zijn? Ik begon de trappen af te lopen, hoe verder de diepte in, hoe mooier het werd! Hier en daar had ik een prachtig zicht over het gehele natuurreservaat, daar moesten natuurlijk foto’s van worden gemaakt. Eenmaal beneden aangekomen moest ik een brug over en kwam vervolgens een T-splitsing tegen. Aan de linkerkant lag de grootste groep watervallen, daar besloot ik mee te beginnen! De weg liep langs een beek, het water was erg helder en aan het einde van de weg bevonden zich de hoogste watervallen. Ik moest de beek oversteken om dichterbij te kunnen komen zodat ik een paar foto’s kon maken. Daarna liep ik snel terug naar de T-splitsing om de andere kant te verkennen die ik een stuk fascinerender vond. Ik voelde me net Indiana Jones;  ik moest over rotsen klauteren en hier en daar over plassen water springen. Het uitzicht was niet normaal zo vet. De watervallen die met veel kabaal naar beneden kletterden, de meters hoge rotsen, lianen die je zo nu en dan zag hangen, gaaf! De enige gedachte die door mijn hoofd spookte was dat Bali mijn eerste verre avontuur is maar zeker niet de laatste zal zijn! De wereld zit vol met magische plekken zoals deze en ik wist zeker: ik moet er zoveel mogelijk gaan zien!

Sekumpul waterval
Sekumpul Liaanen

Helemaal voldaan liep ik weer richting de brug om vervolgens de trappen te beklimmen. Eenmaal boven was het tijd om Mark te gaan zoeken, ik was inmiddels al ruim een uur weg. Ik liep richting onze scooters en halverwege zat Mark bij een kleine warung op mij te wachten. Terwijl we terugliepen naar de parkeerplaats vertelde ik Mark hoe ontzettend mooi het daar beneden was en ik liet hem mijn foto’s zien zodat hij wist dat er geen woord van was gelogen.

We sprongen weer op onze scooters en met Mark zijn navigatie reden we richting de 2e waterval van vandaag, de Gitgit waterval. Dit is DE waterval waar bussen vol toeristen naar toegaan. Ik vond het maar een saaie simpele waterval in vergelijking met de Sekumpul waterval. Het was maar 1 waterval en de natuur rondom deze waterval was niet bijzonder spectaculair.

Gitgit waterval

We reden snel door naar de 3e en tevens laatste waterval van vandaag, de Gitgit Twin waterval. De naam zegt het al; twee watervallen naast elkaar, gelegen in een soort van grot. Het was weer eens wat anders dan een ‘standaard’ waterval. Gelegen in een grot, hoe tof! Toen we terugliepen zagen we een ander pad wat omhoog liep en ik hoopte richting het ‘begin’ van de waterval. Mark bleef achter en ik begon aan de klim. Ik bleef maar lopen, steeds verder omhoog. Op een gegeven moment hoorde ik alleen nog maar de vogeltjes fluiten en hoe hoger ik kwam, hoe smaller de paadjes waren. Op een gegeven moment had ik de keuze uit 2 paden; één normaal pad en één verstopt achter een struik. Avontuurlijk als ik ben, koos ik natuurlijk voor het pad dat verstopt zat. Het pad was een halve meter breed en ik liep verder en verder naar de top van de berg. Zo nu en dan kwam ik een ‘verstopt’ huis tegen. Inmiddels was ik zover weg dat ik de hoop al had opgegeven om het ‘begin’ van de waterval te kunnen zien. Logisch ook, deze zal zich heus niet bevinden achter een pad wat verstopt zit achter een struik. Ik voelde me een echte avonturier. Met een brede lach op mijn gezicht liep ik weer naar beneden. Helaas zonder het ‘begin’ van de waterval te hebben gezien maar wel een geweldig avontuur rijker!

Gitgit Twin watervalGitgit twinwaterval wandelpad

Bij Mark was er geen sprake van een glimlach. Terwijl wij terug liepen naar de scooters liep hij kwaad te vloeken waar ik was gebleven. Ik weet dat Mark het goed bedoelde want hij had mij al een aantal keer proberen te bellen, zonder resultaat. Ik had mijn telefoon op vliegtuigmodus staan (niet dat je anders wel bereik zou hebben boven op die berg). Hij mopperde ‘Stel nou dat er wat was gebeurd?’. ‘Tja’ zei ik tegen Mark,  ‘af en toe moet je het gevaar een beetje opzoeken om iets bijzonders te beleven’.

Het was tijd geworden om richting huis te gaan. Het eerste stuk van de terugreis liep door de bergen. We reden door de wolken, hierdoor was het enorm mistig en koud. We hadden geen warme kleren meegenomen maar eenmaal beneden aangekomen scheen gelukkig weer de zon!

We kwamen uitgeput thuis. Wat een fantastische reis was dit geweest! Met een enorme glimlach konden we terugkijken op een fantastisch weekend! Herinneringen die je voor altijd bij zullen blijven! Zouden we nog meer mooie herinneringen gaan maken hier op Bali? We hopen het!

Bedankt voor het lezen, tot de volgende blog.

 

Daaaaaaaaaaag

 

Geschreven door: Kees Hermus